Wat een aardlekschakelaar doet
Een aardlekschakelaar vergelijkt de stroom die naar uw huis gaat met de stroom die terugkomt. Is er verschil, dan loopt er ergens stroom weg: naar de aarde, naar een vochtige muur, of door iemand heen. Bij ongeveer 30 milliampère verschil schakelt hij af, binnen een fractie van een seconde. Dat verschil van 30 milliampère is precies het punt waarop een schok gevaarlijk kan worden. Een aardlekschakelaar die eruit gaat, heeft dus vaak iets voorkomen.
Een aardlekschakelaar beveiligt u tegen wegvloeiende stroom, een zekering of automaat beveiligt de leiding tegen overbelasting. Dat zijn twee verschillende dingen en in oudere kasten zit vaak maar één van beide per groep.
De oorzaak in tien minuten opsporen
- Zet alle groepen uit die achter de uitgevallen aardlekschakelaar zitten (de automaten of stoppen eronder).
- Schakel de aardlekschakelaar in. Blijft hij er nu uit, bel dan een elektricien: dan zit het in de vaste installatie of in de schakelaar zelf.
- Zet de groepen één voor één terug en wacht na elke groep een paar seconden. De groep waarbij hij weer afslaat, is uw groep.
- Trek in die groep alle stekkers eruit en schakel de groep opnieuw in.
- Steek de stekkers één voor één terug. Het apparaat waarbij hij afslaat, is de veroorzaker. Ga daarna nog even door: soms zijn het er twee die samen over de grens komen.
- Schrijf op wat u vindt. Groep, apparaat, weer of het buiten nat was. Dat scheelt de elektricien zoektijd en u geld.
Slaat hij niet meteen af maar pas uren later, dan wordt het lastiger. Noteer dan het tijdstip en wat er op dat moment aan stond: wasdroger, vaatwasser, boiler, tuinpomp of verwarmingslint.
Wat wij het vaakst aantreffen
| Oorzaak | Waar u het aan herkent |
|---|---|
| Vocht in buitenspullen | Slaat af na regen of vorst. Tuinverlichting, pomp, buitenkraan met verwarmingslint, stopcontact in de schuur |
| Een verwarmingselement | Wasdroger, vaatwasser, boiler, oven. Slaat af tijdens het opwarmen, niet bij het aanzetten |
| Opgetelde lekstroom | Niets is kapot, maar veel apparaten lekken een klein beetje. Samen halen ze de 30 milliampère. Typisch in een huis waar één aardlekschakelaar alles voedt |
| Beschadigde leiding | Slaat af sinds er geboord of geschroefd is, of sinds een verbouwing |
| Elektronica op een oud type aardlek | Inductiekookplaat, omvormer, laadpaal of frequentiegeregelde apparatuur achter een aardlekschakelaar van het oude type AC |
| De aardlekschakelaar zelf | Blijft eruit met alle groepen uit. Komt voor bij schakelaars van twintig jaar en ouder |
Waarom het hele huis uitvalt, en hoe dat anders kan
In veel woningen uit de jaren zestig tot tachtig zit één aardlekschakelaar voor alle groepen. Eén natte buitenlamp legt dan ook de koelkast, de cv-ketel en de wifi plat, en u staat in het donker te zoeken. Sinds de norm NEN 1010 hoort elke groep met wandcontactdozen zijn eigen aardlekbeveiliging van 30 milliampère te hebben. In een moderne kast zit daarvoor per groep een aardlekautomaat: aardlekbeveiliging en zekering in één component.
Het praktische verschil: er valt alleen nog uit wat het probleem veroorzaakt, en u ziet meteen aan de kast waar u moet zoeken. Ruimte in de kast is daarbij het knelpunt, niet de techniek: aardlekautomaten zijn smal, maar de kast moet ze wel kwijt kunnen. Wat dat bij u betekent, hangt af van het aantal groepen en de staat van de bedrading; zie groepenkast vervangen: kosten en doorlooptijd.
Type AC, A, F of B: waarom dat uitmaakt
Niet elke aardlekschakelaar ziet elke lekstroom. Het oude type AC herkent alleen zuivere wisselstroom. Apparaten met elektronica erin (een inductiekookplaat, een omvormer, een wasmachine met frequentieregeling) kunnen een lekstroom veroorzaken die zo'n schakelaar niet ziet, en die hem zelfs blind kan maken voor andere lekstromen. Daarom is type A tegenwoordig het uitgangspunt en is type AC in nieuwe installaties niet meer toegestaan.
Voor een laadpaal gaat het nog een stap verder: daar moet ook gelijkstroomlek worden herkend. Dat lost u op met een type B, of met een type A in combinatie met een laadpaal die dat zelf detecteert. Welke van de twee bij uw paal hoort, bepalen wij per model, en het staat in het meetrapport bij de oplevering.
Wanneer u beter kunt bellen
- De aardlekschakelaar blijft eruit terwijl alle groepen uit staan.
- Hij slaat af zonder dat er iets verandert, meerdere keren per week.
- U ruikt een brandlucht, ziet verkleuring bij een stopcontact of hoort geknetter.
- De kast heeft nog porseleinen zekeringen of geen aardlekbeveiliging.
- U komt er zelf uit welk apparaat het is, maar het is een vast aangesloten apparaat.
Bij een aardlek die er steeds uit valt, meten wij, wij vervangen geen onderdelen op goed geluk: de isolatieweerstand per groep, de lekstroom per groep en de uitschakeltijd van de aardlekschakelaar. Daarna weet u waar het zit en wat het kost om het op te lossen.
Wilt u de hele installatie laten doormeten, ook zonder storing, dan kan dat als keuring van de elektrische installatie, met een rapport per groep.
Veelgestelde vragen
Mag ik de aardlekschakelaar gewoon weer inschakelen?
Ja. Zet eerst de groepen eronder uit, schakel hem in en zet de groepen daarna één voor één terug. Lukt inschakelen niet met alle groepen uit, forceer dan niets en bel een elektricien.
Waarom valt hij uit bij regen?
Vocht maakt een pad naar aarde. Buitenverlichting, een tuinpomp, een stopcontact in de schuur of een verwarmingslint bij de buitenkraan zijn de gebruikelijke verdachten. Sluit die groep tijdelijk af en laat hem nakijken; vocht in een leiding gaat er zelden vanzelf uit.
Wat is het verschil tussen een aardlekschakelaar en een aardlekautomaat?
Een aardlekschakelaar beveiligt meerdere groepen tegen wegvloeiende stroom. Een aardlekautomaat doet dat voor één groep en beveiligt diezelfde groep ook tegen overbelasting. Met een aardlekautomaat per groep valt alleen de groep uit die het probleem heeft.
Moet ik de aardlekschakelaar testen met de testknop?
Ja, twee keer per jaar is een goede gewoonte. Drukt u op de testknop en schakelt hij niet af, dan is hij defect en beschermt hij u niet meer. Zet eerst uw computer uit, want de stroom valt tijdens de test weg.
Hoe oud mag een aardlekschakelaar worden?
Er staat geen houdbaarheidsdatum op, maar mechanisch slijt hij wel. Bij schakelaars van twintig jaar en ouder zien wij vaker dat de testknop niet meer werkt of dat de uitschakeltijd te lang wordt. Die uitschakeltijd is een van de zes metingen van een keuring en meten wij elke keer.
